HOE HET WERKT · Je hoeft hier niets mee te doen

In-ears houden, analoog naar de zaal

Wat we doen als de zaal een eigen mengtafel heeft: wij houden onze in-ears, de zaal krijgt losse kanalen.

  1. Bij een geschikte X32 of M32 kan het geluid via AES50 naar de zaal. De techniek spreekt eerst af welke aansluiting, klok en routing worden gebruikt.
  2. Bij een andere zaalmixer spreken Peter-Paul of Björn de analoge aansluiting vooraf af. De Producer heeft 14 uitgangen: 8 XLR en 6 jack.
  3. Een voorgesteld plan gebruikt 18 lijnen: 14 vanaf de Producer en 4 vanaf de Rack via de multicore van de zaal. Dit vraagt aangepaste uitgangsrouting op beide mixers. Die aansluiting is nog niet bevestigd.
  4. Een alternatief plan gebruikt alleen de 14 Producer-uitgangen. Dan vervalt de losse hihat en worden overheads en samples tot mono samengevoegd. Ook dit plan vraagt een vooraf gecontroleerde scène.
  5. Bij de digitale aansluiting gebruikt FOH ingang 1–16 en aux-ingang 1–8. De AES50-kabel vervoert ook andere signalen; FOH-kanaal 17–24 blijft uit. De gain zit op onze Rack; de zaal kan de eigen trim gebruiken. De gewone faders voor jouw in-earmix veranderen het zaalgeluid niet.

Stem de kabels, klokbron en kanaaltoewijzing vooraf af met Peter-Paul of Björn. Fysieke Aux-uitgangen voor de in-ears blijven gescheiden van de aux-ingangen die naar FOH gaan.

Informatie-editie 2026-10-25.2

← Terug naar Hoe het werkt · Uitgebreide handleidingen