FODKUA · Hoe het werkt

Virtuele soundcheck

Reaper speelt de losse sporen van een oefenavond terug de mixer in, elk op zijn eigen kanaal. Zo stel je de zaalmix en de in-ears in zonder dat de band erbij is, en bewaar je dat als basis voor de volgende keer.

Stand van de mixer
Waar
Zo doe je het

Stand: · tik op een onderdeel voor uitleg

Wat je ermee kunt

  • ZaalDe zaalmix voorbereidenEQ, compressor, gate en effecten per kanaal instellen, zonder band in de ruimte.
  • In-earsIn-earmixen klaarzettenIeder zet zijn eigen mix in BandMix, op zijn gemak, en bewaart die als A/B-profiel.
  • BasisStartpunt voor de volgende keerBewaar het resultaat als scène. Bij de volgende repetitie of het volgende optreden laad je die.
  • HerhalenHetzelfde stuk steeds opnieuwSpeel een refrein desnoods tien keer af om de mix goed te krijgen.
  • TijdKorter soundchecken met de bandHet meeste werk is al gedaan. De band hoeft er niet bij te zijn om te mixen.
  • ProberenInstellingen vergelijkenVergelijk effecten op een opname en bewaar eerst de oorspronkelijke instellingen.
  • LerenMixen oefenenIemand, ook een nieuwe geluidsman, kan oefenen met jullie eigen opname en jullie eigen nummers.
  • VergelijkenEerlijk vergelijkenDe opname blijft altijd gelijk, alleen jouw instellingen veranderen. Zo hoor je precies wat een aanpassing doet.
  • ThuisThuis werkenMet de Producer en de opname-Mac thuis kun je de zaalmix voorbereiden, zonder oefenruimte.

Wat het niet kan

  • De gain instellen. De opname is gemaakt na de voorversterker. Bij afspelen doet de gain-knop niets. Houd de gain gelijk aan die van de opname; een virtuele soundcheck levert geen headamp-gainadvies op.
  • De zaal nabootsen. Rondzingen en de akoestiek van een zaal hoor je niet. De laatste klankcorrectie blijft werk ter plekke.
  • Live spelen. In de stand afspelen zijn alle echte microfoons stil, ook in de in-ears. Dus nooit tijdens een optreden.
  • Andere microfoons. Met andere microfoons of een andere opstelling klinkt de band anders. Maak dan een nieuwe opname als basis.

Veilig werken

  • Werk altijd met een kopie van de opname.
  • Druk in Reaper op play, niet op opnemen.
  • Na afloop: Reaper stoppen, de mixer terug op opnemen, het script nog een keer uitvoeren (uit). Controleer dat de microfoons weer binnenkomen.
  • Bewaar eerst de huidige scène (BandMix: SCÈNE BEWAREN) voordat je een andere laadt.
  • Zet speakers en in-ears eerst zacht; een opname kan harder binnenkomen dan je verwacht.

Aansluiting en bediening

Gebruik een podiumscène waarvan de PLAY-routing zowel kanaal 1–16 als 17–32 uit de USB-kaart voedt. Gebruik thuis een eigen podiumscène op de Producer. Een FOH-scène is bedoeld voor zaalbediening en geeft geen toegang tot BandMix of Recorder.

Reaper speelt de kopie af via de X-USB-kaart. In het FODKUA-sjabloon stuurt het script de ruwe sporen 1, 3, …, 31 naar USB-uit 1–16 en samplesporen 33–40 naar USB-uit 17–24. Bewerkte sporen en de hoofdmix gaan niet mee. De voorste USB-speler is een afzonderlijke stereo-route. Recorder laadt geen scènes en start geen virtuele soundcheck.

Soundcheck in BandMix meet en adviseert. Een basis hoort bij één microfoonset en één mixermodel; een ander model krijgt geen gainadvies. Automatisch afstellen en startmixen toepassen zijn niet vrijgegeven.

FODKUA · Informatie-editie 2026-10-25.2. Dit schema stuurt geen opdrachten naar apparatuur.